“Sofie, waarom trek je zo’n sip gezicht? Hey, je gaat een avondje logeren bij je beste vriendin. Je kijkt alsof je naar de tandarts vertrekt.”
Een diepe zucht is het enige antwoord. Mama hurkt naast haar neer.
“Heb je geen zin om te gaan? Anders ben je megablij.”
“Ja, maar ik sliep altijd gewoon in een kamer en een bed. Nu moet ik in haar nieuwe tent slapen en dat wil ik niet.”
“Aha, nu begrijp ik het. Maar daar hoef je toch helemaal niet bang voor te zijn. Kamperen is keileuk. Ik ben zeker dat je er dol op zult zijn. Je broer heeft ook al bij vrienden in een tent geslapen. Is het niet, David? En, vond jij het leuk?”

David lacht breed naar zijn zusje. “Ja, superleuk. Maar wel griezelig. Allemaal enge geluiden rond je.”
Mama rolt met haar ogen. Ze draait zich naar Sofie, die haar broer met grote schrikogen aangaapt.
“Luister maar niet naar hem, schat. Hij zegt dat alleen maar om je schrik aan te jagen. Ik ben er zeker van dat je het zo leuk zal vinden dat je hier overmorgen zelf om een tent vraagt. Je kunt het proberen en als het echt niet gaat, vraag je vriendelijk aan de mama van Anna of je naar binnen mag.”
Sofie krijgt weer een beetje kleur op haar wangen.

Een auto stopt met luid getoeter voor de deur.
“Daar heb je ze. Neem jij je knuffel, ik neem je tas wel.”
Moeder haast zich naar de deur. Sofie volgt heel langzaam, als een zieke slak. Mama geeft haar een duwtje zodat ze in de auto stapt. Een klein wit gezichtje achter het raam, een handje dat zwaait en weg zijn ze…

Mama maakt zich een beetje zorgen. Wat als Sofie echt niet in de tent wil? Dan zal ze het logeerpartijtje helemaal verknallen.
Biepbiep.
Een berichtje op haar telefoon. Het komt van de mama van Anna. “Maak je geen zorgen. Slaapzakken klaargelegd en Sofie heeft er reuze zin in.”
Oef, gelukkig maar!

~~~

TRIIIING! TRIIIIING! TRIIIING!
“Ik kom! Ik kom!”
De deur is nog maar op een kier of Sofie stormt al binnen.
“Mams! Mams! Het was fantastisch in de tent! David had het helemaal verkeerd. Het was superleuk! Mag ik er ook één? ALSJEBLIEFT?”
“Hola, kalm aan. Ik dacht het niet.”
Sofie laat haar wilde omhelzing los. “MAAM! Waarom niet? Anna heeft er toch ook één?”
“Ja, maar Anna is niet bang in een tent en jij wel.”
Moeder probeert niet te lachen.
“Maar dat was voor ik in de tent heb geslapen. Nu vind ik het helemaal niet eng meer. Toe, ik zal altijd braaf zijn. Dat beloof ik je en ik zal nooit meer om iets anders zeuren. Nooit meer, beloofd.”
“Jaja. Dat zijn wel veel beloftes na mekaar. Trouwens, wanneer heb ik dat nog gehoord? Pas een week geleden, denk ik, toen je die nieuwe knuffel van Hello Kitty wou.”
“Maar dat was iets kleins. Nu zal ik echt niets meer vragen. Toe, alsjeblieft!”
Moeder doet alsof ze heel diep zucht. Ze heeft duidelijk binnenpretjes.
“O, wat zijn we toch weer druk vandaag. Ik zal even buiten op terras lekker in het zonnetje gaan zitten. Ik kan wat rust gebruiken na al je vragen.”
Ze duwt de verandadeur open.
“MAAAM! Je moet nu toch niet gaan zonnen. We zijn bezig over mijn tent.”
“Jouw tent? Welke bedoel je? Die daar?”

Ze wijst lachend naar een knalrode tent die midden in de tuin staat. Sofie blijft als een standbeeld staan.
“Je hebt er al één gekocht. Maar je kon toch niet weten dat ik er één wou; ik heb het je nog maar net gevraagd.”
Moeder glundert en geniet van haar verrassing.
“Ik ken mijn kleine meid veel beter dan ze zelf denkt.” Ze tikt met haar vinger op haar wang en knipoogt. “Heb ik nu niet iets verdiend?”
Sofie bestormt haar met een vuurwerk aan zoenen en knuffels.
“Je bent de aller-, allerbeste mama van de hele wereld. Mag Anna bij me komen slapen in mijn nieuwe tent? Mag het, mag het? Alsjeblieft?”
“Jamaar! Ik dacht dat je nooit meer iets ging vragen?” lacht mama.

Vorig verhaalKerstboomwachter
Volgend verhaalKoekjes bakken

Reageer!