Kijk, dit is onze Ose:
een kleine rode kat.
Hij heeft wel hònderd dozen
en nog een stuk of wat.

Het begon met één
waar hij als kitten
bij aankomst meteen
in was gaan zitten.

Toen werd er eentje bij gezet
en had hij met een tweede
een tweepersoons-kattenbed.
Kleine Ose was tevreden.

Hij kreeg een ander, doosje drie,
een vierde en een vijfde,
sprong in deze en dan in die
en een zesde die hij stiekem inlijfde.

Dozen kreeg hij bij de vleet:
rechthoekig, vierkant, hoog en laag.
Wat hij met al die dozen deed,
was voor hemzelf de vraag!

Eens voor de afwisseling
eens lekker slapen gaan
in zijn dozenverzameling
was geen beginnen meer aan.

Dus ging hij zich in de ene wassen,
scherpte zijn nagels hier en daar
om in de grootste te plassen.
Hij had toch genoeg voor een jaar!

Eerst werd Baasje een beetje boos
… maar ach, het was een baby kat.
Hij gaf hem dus een andere doos
… en ook die werd lekker nat.

Baasje haalde alle dozen
meteen maar van de zolder.
Allemaal voor kleine Ose
en zijn dozenkolder.

Als toppunt van plezier
zou hij er een toren van maken.
Helemaal van daar tot hier!
Wat zou die kat zich vermaken!

Dat werd een mooie klauterboom
aan ruimte geen gebrek.
’t Was een ware kattendroom.
’t Was helemaal te gek!

Ose zat al heel gauw boven
in zijn toren van karton.
Hij kon het nauwelijks geloven.
Hij zat bijna aan het plafond!

Van boven zag hij naar beneden,
bekeek zijn kartonnen schat.
Hij was intens tevreden.
Hij was een gelukkige kat!

“Àllemaal van mij!” dacht hij
en maakte zich een prachtig nest.
O, wat was die kat toch blij!
Hij vermaakte zich opperbest.

Hij rolde zich van pure pret
een paar keer om en om,
maar, o jee, daar had je het!
Dat was een beetje dom.

Want onderaan verschoven dozen,
In het midden wiebelde de rest
Och domme, kleine Ose.
Nu heb je het zelf verpest!

Rommeldebommeldebommeldebom!
Daar rolde de hele stapel om!
Bedolven onder zijn honderd dozen
verdween de kleine Ose.

Het arme dier, dat schrok zich lam.
van het gedonder en geraas!
Wat hem nu toch overkwam!.
Gelukkig, daar was zijn Baas.

De kat kwam onder de dozen vandaan
en kroop bij de baas op schoot,
die hield hem dicht tegen zich aan
en knuffelde hem haast dood!

Gelukkig was Ose ongedeerd
en waren alle dozen heel gebleven,
want al had hij zich bezeerd:
dozen bleven zijn lust en zijn leven.

Vorig verhaalHenk
Volgend verhaalVerhuizen

Reageer!