Zoals elke dag was koning Daan
precies om acht uur opgestaan.
Hij deed zijn gouden slippers aan
en nadat hij zijn kroon had opgezet,
liep hij haastig naar het toilet.

Maar op het koninklijk toilet
hing een bordje met: BEZET!
De koning brulde kwaad:
‘Wie houdt daar mijn wc bezet?!
Dit is een koninklijk toilet!
Het is verboden wat u doet,
vooral omdat IK nodig moet.’ 

Maar het bleef merkwaardig stil.
Wie zat daar op zijn gouden bril?
Wie plaste in zijn pot van goud?
Wie was daar zo ontzettend stout?

Hij klopte op de deur en luisterde
toen hoorde hij een stem die fluisterde: 
‘Papa..?’
De deur klikte zachtjes van het slot
en wie zat daar snikkend op de pot?

‘t Was het kleine prinsje Jelle
hij huilde:’ ik moet je wat vertellen
er is daarnet iets misgegaan
ik heb het in m’n broek gedaan.’ 

‘Ach’, zei de koning en gaf Jelle een kus,
‘joh, dat overkomt iedereen wel es.
Zelfs een prins en zelfs een koning,
ik geef je zo wel een verschoning.
Wacht maar op de gang op mij
want ik moet er even bij.’ 

De koning deed de deur op slot
en ging snel zitten op zijn gouden pot.
Maar ‘ t was te laat, want voordat hij zat
was plotseling zijn broek kletsnat!

OEPS!!! 

Dus hier een goede raad van koning Daan:
altijd op tijd naar het toilet toe gaan!
Maar gaat het toch mis, dan weet je dus:
het overkomt iedereen wel es.

Reageer!