CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

De zon schijnt al door de gordijnen als mini-monster wakker wordt. Hij is nog een beetje slaperig, pakt zijn knuffel en wil zich nog een keertje omdraaien. Maar opeens is hij klaarwakker. “Tante Molu komt vandaag!”
Tante Molu, tante Molu, juicht het in zijn hoofd en opeens is hij niet slaperig meer.

Tante Molu is de zus van mama. Ze is zijn lievelingstante. Ze woont ver weg en komt niet zo vaak op bezoek. Maar als tante Molu komt, is hij altijd blij. Want ze speelt een poos met hem terwijl ze met mama praat. Tante Molu bouwt de mooiste huizen van zijn blokken en ze speelt dezelfde spelletjes op de computer als hij. Daar kan hij dan zo fijn met haar over praten. Als tante Molu komt, is het feest.

Hij springt zijn bed uit en kleedt zich zonder treuzelen aan. Hij hoort dat mama ook al wakker is en loopt naar haar kamer. Ze kijkt hem lachend aan als ze ziet dat hij al aangekleed is. “Tante Molu moet maar iedere dag komen, dan ben jij tenminste snel aangekleed.”
Mini-monster moet ook een beetje lachen en vraagt hoe laat tante Molu komt. Mama denkt dat ze om twaalf uur met de bus aankomt. “Misschien kun jij haar dan van de bus halen want de bushalte is om de hoek.”
Dat lijkt mini-monster wel een goed idee.

Nadat mama vuile was in de wasmachine heeft gedaan, gaan ze naar beneden om te ontbijten en de woonkamer op te ruimen. Als er bezoek komt, ruimt mama de kamer altijd nog extra goed op. Mini-monster ruimt zijn speelgoedhoekje ook netjes op en zet de blokkendoos vast klaar. Ook zijn tablet legt hij al aan de oplader.
Terwijl ze zo bezig zijn met alles klaarmaken, hoort mama het piepje van de wasmachine. De was is klaar. Het wordt al bijna tijd voor het bezoek en mama wil de was graag nog even ophangen aan de waslijn. “Mini-monster, wil jij de koeken die we gisteren bij de bakker kochten voorzichtig in de trommel leggen? Zet de trommel daarna maar met het deksel erop, op de tafel. Als jij dat doet dan kan ik de was mooi ophangen.”

Ja, dat kon mama wel aan mini-monster vragen. Hij zet een stoeltje bij het aanrecht en gaat daarop staan. Voorzichtig haalt hij het deksel van de trommel en maakt de zak met koeken open. Langzaam doet hij zijn hand in de zak en pakte voorzichtig de eerste koek. Je ziet het chocoladeglazuur op de koek gewoon glimmen… Mmmm. Het water loopt mini-monster in de mond bij het zien van die lekkere koek en voor hij er erg in heeft, heeft hij een hapje van de koek genomen. Wat was dat een lekkere koek!
Wanneer hij weer naar de koek kijkt, schrikt hij van het hapje dat nu uit de koek genomen is. Je kunt precies zien waar zijn tandjes in de koek zijn gegaan. Snel legt mini-monster de koek in de trommel en pakt een voor een de volgende koeken en doet ze erbij. Maar hoe hij de koeken ook herschikt in de trommel, dat ontbrekende hapje blijf je zien. Mama zou dat ook meteen in de gaten hebben en misschien wel heel erg boos worden. Hij moet iets verzinnen.

“Gaat het goed daar in de keuken?” roept mama. “Ja,” zegt mini-monster, maar hij krijgt een heel slecht gevoel bij in zijn buik en de tranen prikken al een beetje in zijn ogen.
Hij bedenkt dat alle koeken er hetzelfde uit moeten zien, zodat de koek met het hapje eruit niet op zou vallen. En een voor een pakt mini-monster de koeken weer op en neemt overal een gelijk hapje uit. Zo, nu zien ze er allemaal hetzelfde uit. Tevreden maar nog niet helemaal gerust doet hij het deksel op de trommel en zet hem op tafel. Hij zet ook vast de kopjes voor de thee erbij.
Wanneer mama beneden komt, kijkt ze hem goedkeurend aan. “Je hebt me fijn geholpen,” zegt ze, maar mini-monster kan niet echt blij zijn. Hij denkt aan de koeken. De koeken met een hapje uit.

Mama kijkt op de klok en verkondigt dat het tijd is om tante Molu van de bus te gaan halen. “Doe je jas maar aan en wacht op de hoek van de straat, dan kan je de bus zien aankomen.”
Nog steeds niet gerust doet mini-monster wat hem gezegd is en stapt nerveus naar de bushalte. Mama kijkt hem bedenkelijk na. Wat was haar monsterlijk monstertje opeens onrustig. Hij zou toch niet ziek worden?

Even later komt mini-monster samen met tante Molu binnenstappen. Tante Molu praat vrolijk tegen hem, maar mini-monster moet steeds aan de koeken in de trommel denken. Zouden ze het door hebben?
Mama schenkt de thee in en pakt de trommel. Het deksel doet ze eraf. Nu zou het gebeuren… Tante Molu kijkt in de trommel, draait zich eventjes naar mini-monster en zegt dan: “Wat is dat nu toevallig. Hebben jullie ook een bakker die de koeken voor laat proeven? Dan weet je zeker dat ze goed gelukt zijn. Ik denk dat ik die met chocolade maar neem.”
Mama kijkt eerst verbaasd in de trommel, dan vragend naar mini-monster en daarna naar tante Molu. Tante Molu heeft pretlichtjes in haar ogen en dan moet mama ook lachen. Mini-monster haalt opgelucht adem. Eindelijk kan hij echt blij zijn dat tante Molu er is.

Reageer!