Beertje Honingpoot

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Is dat nu geen gekke naam voor een beertje? Of toch niet? Want beertjes zijn namelijk verzot op honing. Maar hoe kwam dit beertje aan zijn naam?

Van zodra ze geboren worden, kunnen beertjes al heel snel lopen. Dat is zo voor de meeste jonge tamme dieren die vier poten hebben zoals veulentjes, kalfjes, lammetjes, katjes en hondjes maar dus ook voor wilde dieren zoals girafjes, leeuwenwelpjes en, ja hoor, beertjes.
Zo mag het beertje van vader en moeder al vroeg alleen op stap gaan. Hij rent door het bos en als hij aan de rand ervan komt, ziet hij voor zich een groene weide die steil naar beneden loopt. Beertje laat zich als een dikke bruine bal lustig naar beneden rollen.
Dan stapt hij tussen de veldbloemen verder en ziet er allerlei dieren. Felgroene sprinkhaantjes, zwarte torretjes en mieren kruipen op de grond. In de lucht ziet hij kleurrijke vlinders, vliegjes en zelfs waterjuffers. Waterjuffers hebben een lang achterlijf en lichtblauwe vleugels. Als ze vliegen lijken ze een beetje op helikopters.

Af en toe landt een vlieg precies op zijn neusje. Dan schudt beertje hard met zijn hoofd om de vlieg weg te jagen.
Op een plekje waar veel bloemen bij elkaar staan, merkt hij diertjes die helemaal in de bloemen kruipen. Hij hoort ook dat ze zacht zoemen en na een tijdje ergens naar toe vliegen.

Als hij terug thuis komt, vraagt hij aan Mama Beer welke diertjes dit waren? Mama vertelt over de bijen:
“Bij de mensen leven bijtjes meestal samen in grote bijenkorven of bijenkasten waarin vele kamertjes zijn. In die kamertjes maken ze honing. Bij het rondvliegen kruipen ze helemaal in de bloemen. Daar vinden ze een zoete vloeistof die nectar heet. Er zit ook stuifmeel in de bloemen. De nectar en het stuifmeel brengen de bijtjes naar de korf. Van het nectar wordt dan honing gemaakt. De honing en het stuifmeel zijn het eten voor de bijen.
De bijtjes maken de honing en de mensen doen de honing in potjes. In ruil geven ze de bijen iets anders te eten. Daar zijn de bijtjes best blij mee.
Niet alle bijtjes wonen in korven. Ze maken hun kamers ook in holle bomen of op andere plaatsen in de natuur. Daar kunnen de andere dieren dan van hun honing mee smullen. En daarom heet jij Honingpoot. Want als je wat groter bent, zal je vast ook met jouw pootjes in de honing krabben.”

Beertje zucht na dit lange verhaal van zijn mama over de bijen. Morgen gaat hij beslist op zoek naar een plaats waar hij honing kan vinden, ook al is hij nog wat klein.

Als hij zich de volgende dag weer lekker van de berg heeft laten rollen, zoekt beertje Honingpoot een grote plant met veel bloemen die vol zit met bijen. Als de bijen wegvliegen probeert hij ze te volgen om zo te weten te komen waar ze hun honing bewaren.
Aan de rand van het veld staan een aantal groene kastjes. De bijen kruipen in de kastjes en komen er na een tijdje weer uitgevlogen.
Beertje verstopt zich snel in het hoge gras als hij plots een mens ziet aankomen die gekleed is in een wit pak en een grote hoed aanheeft waarrond een gaas zit. Uit het bijenkastje neemt hij een kadertje waarvan een gele stroop druipt. Zou dat honing zijn, denkt Beertje.

Hij ziet dat de witte mens de kadertjes naar een stalletje brengt . Beertje klautert op een bankje en kan zo door een raampje binnenkijken. Achter het raam ziet hij potjes staan. Dan ziet hij dat de mens op een fiets weg rijdt. Beertje merkt dat de deur van het stalletje op een kier is blijven staan. Zou hij durven binnengaan?

Hij opent de deur. Op een tafel staan open potjes met een goudgele vloeistof. Beertje gaat op zijn achterste poten staan en probeert zich met de voorpoten aan de tafel vast te houden. Maar met zijn lange nagels stoot hij zo hard tegen een van de potjes dat dit op de grond valt. Het glazen potje valt stuk. Beertje ruikt de zoete vloeistof en kan het niet laten om voorzichtig zijn pootje in de vloeistof te stoppen. Dan likt hij aan zijn pootje en smaakt hij iets dat hij nog nooit geproefd heeft.

CC0 Creative Commons – bron: pixabay.com

Wat is dit lekker! Is dit honing? Zeker wel. Hij wordt wat gulzig en likt met zijn lange tong aan het potje. Maar er is een scherp stukje glas waaraan hij zijn tong snijdt. “Au, dat doet pijn,” zegt Beertje en snel rent hij buiten naar het hol van mama en papa beer.

Wanneer hij thuiskomt, verzorgt mama beer zijn tong en lacht: “Waar heb jij die tong ingestoken?”
Beertje Honingpoot vertelt alles en zegt: “Honing is het beste wat er op de wereld bestaat.”

Zijn mama lacht hem toe: “Zie je wel dat wij voor jou de juiste naam hebben gekozen, Honingpootje. Maar je moet met jouw pootje eten en beter opletten als je jouw tongetje gebruikt!”

 

Eten beren echt graag honing, of is dit idee vooral door Winnie de Poeh populair gemaakt? Beren eten inderdaad honing, maar gaan in bijenkorven vooral op zoek naar de bijenlarven en eitjes; die zitten immers vol vet en proteïnen.
Bijen laten de beren ook niet zomaar begaan: ze verdedigen hun korf en steken de beer waar ze kunnen! Maar door de dikke vacht van de beer kunnen ze enkel in het gezicht en de oren van de beer echt steken. De beer ondergaat dit om aan de lekkere inhoud te geraken, maar gaat zich daarna snel weg haasten en schudt daarbij de bijen van zich af.
— Bron: North American Bear Center

Eline krijgt hulp

0
Copyright Delphine Verbeke - gebaseerd op werk met CC0 licentie

Eline wordt elke woensdagmiddag naar de oppas gebracht. Daar hebben ze veel meer speelgoed dan thuis en er wordt ook goed op haar gepast. Eline vindt het dus helemaal niet erg om daarnaartoe te gaan. Ze heeft ’s avonds nog genoeg tijd om met papa en mama te knuffelen.

Alleen die andere kinderen zijn soms wel vervelend. Op school zit ze er ook al de hele dag tussen. Ze zijn gewoon altijd allemaal zo druk. Eline probeert ze meestal maar gewoon te negeren. Net zoals vandaag. Ze zit fijn met een pop te spelen, als er een ander meisje bij komt staan. Ze kent haar wel, het is Tessa, die wil altijd meespelen maar pakt dan gewoon het speelgoed af. Eline doet alsof Tessa er niet is en speelt verder. 

In de dierentuin

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Een dagje dierentuin is altijd fijn
omdat er zoveel beesten zijn.

Leeuwen, tijgers en apen
en beren die liggen te slapen.
Olifanten en kamelen,
oh, er zijn er nog zo velen.

Mini-monster in de regen

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Het regende de hele dag al een beetje toen mama monster na haar werk naar de dagopvang liep. Ze kwam mini-monster ophalen. Mini-monster ging, als zijn school was afgelopen, altijd naar de dagopvang. Dat moest wel omdat mama nog werkte als hij uit school kwam en mini-monster kon natuurlijk niet alleen in huis zijn.
Mini-monster vond het leuk in de dagopvang. Hij mocht er van alles doen, maar de dagelijkse quiz vond hij het allerleukst. En daarna ging hij spelletjes doen op de computer.

Maar toen mama hem die dag kwam halen, regende het dus een beetje.

Rep en roer op de Noordpool (2/2)

0
CC0 Creative Commons -bron: pixabay.com

In het eerste deel van het verhaal had kerstman Pol een nare droom: hij had heel gemene brieven geschreven naar de kinderen. Maar dan bleek dat hij het echt had gedaan! Nu is iedereen heel boos op hem…

Kerstman Pol kon maar aan een persoon denken: Tover Nel. Tover Nel was de kleinste dwerg op de Noordpool. Ze had haar eigen kamertje waar ze oefende met haar magie. Tover Nel had voor ieder mankement een toverdrankje. Speelgoed dat niet meer gemaakt kon worden door de elfen, werd weer helemaal nieuw door Tover Nel. Ze was slim en leergierig. Tover Nel las boeken en zocht naar nieuwe magie om beter te worden.

Kerstman Pol vroeg Sjaak om Tover Nel op te zoeken. Hij moest haar vertellen wat er gaande was. Tover Nel moest zorgen voor een drankje. Een drankje om de kerstman op te vrolijken. En er was veel magie nodig om de wereld goed te maken, zodat alle kinderen en de papa’s en mama’s zich niets konden herinneren over een gemene kerstman.

Sjaak klopte aan bij de kleine deur van Tover Nel’s kamertje. De deur ging vanzelf open.
Achterin het kamertje stond een grote kast met pruttelende flesjes. Naast de kast stond nog een veel grotere kast met boeken.
Tover Nel stond voor haar tovertafel. Ze was bezig met een nieuw toverdrankje.
“Sjaak, je zit in mijn dromen. Ik had al een vermoeden dat je naar me toe zou komen.”
Het verbaasde Sjaak niets. Hij had altijd al een gevoel dat Tover Nel gedachten kon lezen van iedereen. Eén van de elfen brak eens per ongeluk een fiets doormidden. Sjaak was op dat moment bij Tover Nel op de thee. Plots zei ze dat Sjaak maar beter naar de werkkamer kon gaan. Er was iets gebeurd met een fiets. Hij snapte niet hoe zij kon weten dat er iets met een fiets was.

Tover Nel vond het gerijm van Dicht-Maar-Raak Sjaak erg leuk. Altijd als hij bij haar was, spraken ze in rijmtaal.
“Je weet zeker ook wat er gebeurd is. Het is met de brieven flink mis. De kerstman was gemeen. Dit moet stoppen en wel meteen!” Sjaak klonk boos. Hij stampte zelfs even met zijn voet hard op de grond.
“Het is mij ter ore gekomen en daarom heb ik alvast dit drankje voor je meegenomen. Dit heb ik net klaar gemaakt en wel, het was lastig maar ik deed het snel.”
Tover Nel zou er alle kinderen en papa’s en mama’s mee doen vergeten wat de kerstman gedaan had. Niemand zou zich nog kunnen herinneren dat er gemene brieven waren geschreven.
Ze gaf het flesje met een goudgele inhoud mee aan Sjaak. De kerstman moest het in één keer leegdrinken, want anders hielp het niet.

CC0 Creative Commons -bron: pixabay.com

Sjaak rende meteen naar de kerstman en gaf het drankje. Kerstman Pol dronk het in één keer leeg en voelde iets vreemds tintelen in zijn buik en hoofd. Een goed teken dat het drankje zijn werk deed. De kerstman voelde zich na een paar minuten weer helemaal vrolijk.

Tover Nel kwam de kamer binnen en zag dat de kerstman weer vrolijk was.
“Heel fijn, kerstman Pol. U bent weer de oude vrolijk kerstbol.” Ze moest er zelf om lachen.
Ook de kerstman kreeg een grijns op zijn gezicht en bedankte Tover Nel hartelijk. Kerstman Pol was heel blij dat iedereen in de wereld was vergeten wat voor iets verschrikkelijks hij had gedaan.

De kersttijd was begonnen en de kerstman bezorgde samen met Sjaak de cadeautjes over de hele wereld. Iedereen kreeg er zelfs een verrassing bij. Een grote snoepzak van een halve meter lang!

Ook werd er een nieuwe kerstman gekozen. Hij kwam van ver, maar had ook een grote dikke buik en een vrolijke lach op zijn gezicht. Sjaak was blij met de nieuwe bolle buik. Hij verheugde zich op een mooi nieuwe kersttijd.
En kerstman Pol genoot samen met de kerstvrouw van heerlijke stoofschotel, een goed boek en een snoepzak van een halve meter lang.

Rep en roer op de Noordpool (1/2)

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Het was nog maar een paar dagen voor kerst. En al dagen woedde er een sneeuwstorm op de Noordpool.
Kerstman Pol zat in zijn grote fluwelen stoel te eten. De kerstvrouw had zijn favoriete stoofschotel gemaakt. Stoofvlees met veel groenten en rozijnen. Het eten bracht kerstman Pol even in een goed humeur. Al dagen was hij niet vrolijk. Zijn dienstplicht liep dit jaar af. Dit zou zijn laatste kerst zijn. Geen ritje meer op de kerstslee. Nooit meer het hoge woord tegen zijn hulpelfen. Geen schoorstenen meer inglijden. En het belangrijkste: nooit meer al die vrolijke gezichtjes van alle kinderen zien, wanneer ze het gewenste cadeau ontvangen.
Het was een ramp. Hoe moest hij in een korte tijd een opvolger vinden? Een opvolger die verder ging met alles wat kerstman Pol achter moest laten, zodat hij tenslotte kon gaan genieten van zijn pensioen. Hij was nog niet klaar om een rustig leven te leiden. Het liefste werkte hij gewoon door.

De tunnel

0
U.S. Dept. of Transportation, Bear underpass écoducOurs, marked as public domain

Waldergem is een klein dorp. Er is een kerkje met ervoor het kerkplein. Op het kerkplein is er een bakker en een kruidenier. Er is ook een gemeentehuis en daarvoor ligt het gemeenteplein. Op dat plein is er een slager, een fietswinkel en een dorpscafé met terras. Het is een gezellig dorpje.

Even buiten Waldergem ligt een heel groot bos. In dit bos leven allerlei dieren: vossen, konijnen, herten, egels, padden, vogels, vlinders, bijen en nog zoveel meer. Ken jij nog meer dieren die in het bos wonen?

Op een dag reden grote machines en vrachtwagens door het dorpje. Al heel snel werd het mooie bos in twee stukken gesneden door een nieuwe autoweg.

Mees eet geen vlees

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com
Waarom zijn dinosaurussen vleeseters of planteneters? Waarom zijn honden alleseters en eten zij vlees, brokken, maar soms ook gras? En waarom eten wij mensen vlees? Mees eet geen vlees meer. 

Een triest leven

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Hier in de buurt staat een grasveldje. De mensen noemen het een ‘verkoop’ veldje. Op dat veldje staan dingen die gekocht kunnen worden.
Op een dag stond er een ezeltje, het heette Pip. De volgende dag stond het er ook. En de dag daarna ook nog… Kortom, hij stond er heel lang. Want niemand wilde dat kleine ezeltje hebben.
Dan kwam er een rijke boer kijken naar het veldje. Hij zag dat kleine ezeltje en kocht hem.

Roze

0
CC0 Creative Commons - bron: pixabay.com

Willem Wanne is een jongen.
Een stoere jongen met gympen en een pet.
Een wildebras met een snottebel en geschaafde knieën.
Zijn lievelingskleur is roze.